Het eerste wissel gaat geheel computergestuurd om. Op naar het volgende blok. Heel engels wissel, dus 2 aandrijvingen en puntstuk polarisatie.
Mei 2011
Nu de schakeling getest is kan ik eindelijk alle monteren. Voor de aansturing van de wisselmotoren heb ik een GND, +12V, en wisselstroom aansluiting nodig.
Om dit op de juiste plaats te krijgen maak ik ringleiding onder de hele baan door. Op diverse plaatsen word de leiding middels kroonsteentjes onderbroken.
Vanaf een kroonsteentje gaat dan een aansluiting naar een stukje soldeerplint, waar dan uiteindelijk alles op word aangesloten.
Ik hoop hier binnenkort een afbeelding van te plaatsen.
Maart 2011
Nu de aansturing van de LKK-EVL goed werkt kan ik me eindelijk richten op het aansturen van de wissels.
Ik maak gebruik van de wisselmotoren van Conrad. Deze vragen een constante stroom in plaats van een puls, zoals bij magneetspoelen.
De wisselkaarten van het HCCM systeem zijn geschikt voor het genereren van pulsen, maar na wat zoeken vind ik een schakeling die de puls kan omzetten naar een constante stroom. Hulpschakeling motorwisselaandrijvingen
Bij het testen gaat de motor met geweld om, en brand een weerstand op de wisselkaart door.
Via de mailinglijst krijg ik de volgende schakeling van iemand:conradwissel aan EV
Deze werkt via een relais. En hiermee werkt het perfect. In een van de volgende verslagen toon ik een foto van de schakeling.
Februari 2011
Problemen, problemen.
Het eerste blok rijdt probleemloos nu, door met het tweede blok. Dit is meteen wissel.
Voor het aansturen van wissels maakt het HCCM systeem gebruik van een zogenaamde LKK-EVL combinatie.
Maar deze werken niet goed.
Gelukkig zijn er bijeenkomsten waar je hulp kan krijgen, en via de mailinglijst krijg je ook veel hulp aangeboden. Uiteindelijk bleek de oorzaak te liggen in enkele defecte IC op zowel de LKK als op de MCK, die communicatie tussen de PC en het rek verzorgd, en een verouderde versie van een stuurprogramma op de MCK.
Juli 2010
Voor de bedrading maak ik een verdeelkast.
Op de soldeerplinten rechts komen de kabels binnen vanaf de rekken, terwijl op de soldeerplinten in het midden de kabels vanaf de baan komen.
Tussen deze soldeerplinten worden de juiste pinnen met elkaar verbonden.
Op een 3-tal plaatsen onder de baan zijn ook soldeerplinten geplaatst, hierop worden alle zaken die het dichtstbij de soldeerplinten liggen aangesloten.
Hierdoor blijft de structuur overzichtelijk.
Voor de verbinding tussen de soldeerplinten in de verdeelkast en die onder de baan, en stekkers aan de rekken, maak ik gebruik van 25-aderige kabels.
In totaal heb ik zo'n 125 aansluitpunten te verbinden, hoogoventerrein nog niet meegerekend.
Nu de aansluitpunten op de baan bepaald zijn, is het tijd om ook bezig te houden met de aansluitpunten aan de rekken die de kaarten voor de computerbesturing bevatten.
Om te zorgen dat ik makkelijk blokken kan (ont-)koppelen kies ik voor DIN-connectoren
Na het boren van gaten in de achterplaat de connectors geplaatst, en aangesloten.
Maart 2010.
Het bedenken van de elektrische installatie koste me langer dan gedacht, vooral hoe een ander te documenteren.
Uiteindelijk heb ik ervoor gekozen om de alles bij te houden in Excel. Ik hoop dat in de loop van de diverse verslagen duidelijk wordt hoe ik dit doe.
Eerst maar eens alle blokken en aansluitpunten aftekenen.
November 2009.
Het spoor loopt bijna rond. Omdat ik graag makkelijk in de ruimte, binnen de tafel wil komen, heb ik bedacht een opklapbare brug te maken.
Hiertoe heb ik eerst een scharnierend deel gemaakt, dat breed genoeg is om over alle sporen te gaan, die op dat stuk liggen, en dat hoog genoeg komt om eventuele wagens en locomotieven mis te houden. Hieraan heb ik een bak bevestigd, waarover de twee doorgaande sporen kunnen lopen.
De overgangen tussen de brug en het vaste gedeelte vroegen wat testwerk. Uiteindelijk bleek het loodrecht doorzagen van de spoorstaven het beste resultaat te geven. Ook het uitsteken van de spoorstaven vanaf de brug naar het vaste gedeelte draagt bij aan het niet aan elkaar blijven haken.
Oktober 2009.
Na wat gepuzzel bleek de oorzaak van de problemen uit juli 2009 te liggen aan het gebruik van verschillende merken wissels.
Bij het ontwerp van de baan had ik voor de betreffende wissels Minitrix wissels gedacht en getekend, maar bij bestellen hiervoor toch Peco wissels genomen. En dat scheelt flink in geometrie.
Uiteindelijk de wissel straat her ontworpen, met in gedachte de wissels die ik in mijn bezit had, en nu dus wel sporen van fatsoenlijke lengte, en ruime boogstralen.
Ik heb alleen moeten opofferen dat alle 3 de sporen in beide richtingen gebruikt kunnen worden, dit kan nu alleen nog met het middelste spoor.
Juli 2009.
Rails leggen. En wissels. Maar wacht even...de sporen van het schaduwstation worden wel heel kort, en de bocht wel heel erg scherp.
Juni 2009.
Rails leggen. En wissels. En stukjes proefrijden.
Mei 2009.
Een gedeelte van de baan zal worden overdekt, en bovenop de overkapping zal ook rails worden gelegd.
Om te zorgen dat dit goed ondersteund word, is het mijn bedoeling de steunen aan de dwars spanten te bevestigen. Hiertoe heb ik in de plaat, alvast sleuven gezaagd, zodat deze steunen daar doorheen gestoken kunnen worden.
Hierna is op de plaat het raster uitgetekend, en het baanplan geprint, waarna dit op de plaat is gelegd.
De eerste stukken rails waren daarna snel gelegd, en provisorisch een transformator aangesloten voor een eerste stukje rijden.
April 2009.
Nu het baanplan uitgewerkt, volop bezig met de onderbouw. Alle dwars spanten zijn aangebracht, en de ondergrond voor de rails
Omdat het baanplan voor het grootste deel op een niveau ligt, bedek ik de spanten met 12mm multiplex.
Maart 2009.
Nu de verhuizing voorbij is, en alles weer zijn plaats heeft gevonden, eindelijk weer tijd om te werken
aan het spoor.
Andere zolder, ander oppervlak. Het vorige plan kan en wil ik hier niet kwijt. Het was te gecompliceerd, teveel hellingen, en teveel rails op het oppervlak.
De onderbouw kan ik wel hergebruiken, mogelijk met wat kleine aanpassingen, zoals inkorten.
Na veel puzzelen en tekenwerk kwam ik tot een opstelling, die mooi compact is, maar waar ik alle elementen op kwijt kan.
Ik heb meteen van de gelegenheid gebruik gemaakt om de schoring van de poten te
verstevigen. Voorheen gebeurde dat middels een aluminium strip, maar dat gaf
onvoldoende steun. Nu gebruik ik een stuk hout daarvoor.
Maart 2008.
Wat nu dan?
Verhuizing. Nieuwe zolder, nieuwe start.
Juni 2007.
Het gebruik van 2*3mm triplex bleek toch een te slappe bedding op te leveren. Daarom omgeschakeld naar 2*6mm triplex, en het werk van vorige maand herhaald.
Nu was het tijd voor het leggen van de eerste rails, waarbij ik heb gekozen voor Peco code 55, met houten bielzen.
Dankzij de afdruk vanuit Winrail was de plek van de rails op de bedding eenvoudig te bepalen.
Op de plaat triplex heb ik een raster getekend van 30*30cm, omdat dit overeenkomt met het raster dat ik gebruik binnen Winrail.
Vanuit Winrail had ik dit deel van het baanplan al geprint, met rasterlijnen, zodat ik deze nu eenvoudig kan overnemen.
Hierna de bedding uitgezaagd en op de beoogde plek neergelegd. Doordat ik gebruik maak van 2 lagen, kan ik de stukken bedding laten overlappen, en op die manier altijd een 6mm dikke bedding houden.
April 2007.
Inmiddels 2 platen triplex van 3mm gekocht die ik versprongen op elkaar wil lijmen voor een stevige ondergrond.
Maart 2007.
Ik ben begonnen aan de opbouw van het frame. Dit bestaat uit 2 L-balken die gemaakt
zijn van planken van 18*94mm en 18*44mm. Op deze L-balken komen dwars spanten van
18*94mm, waarop uiteindelijk een ondergrond word gelegd voor de rails
Voor de poten heb ik gekozen voor balken 23*44m, met een hoogte van 110cm. De bovenkant
van de poten ligt gelijk aan de bovenkant van de dwars spanten, die aan de L-balken
bevestigd zijn. De dwarsverbindingen zijn middels een deuvel verbonden met de poten en verstevigd met 12 mm multiplex.
Hieronder enkele plaatjes die mogelijk wat verduidelijken.
